In de zon zat ik. Ik heb namelijk een balkon, en ik had een stoel van een bananendoos. Op en neer zoefde de wind samen met twee katjes, van de linker- of de rechterburen.
Ik dacht dat het universum wel in zou grijpen. Soms denk je dat. Dat iets of iemand je zenuwachtig vast zal klampen en zal zeggen: Nee. Of ja.

maart 20, 2011
By on 23:16
Hier en nu en kijken, kijken en bewaren wat ik zie.

Poezenvoetjes trippelen op mijn schoot, terwijl ik me wikkel in de warmte van de kamer en de grauwheid van deze kant van de stad. Ik dwaal een beetje. Het precieze pad dat ik mezelf had toebedacht (maar niet opgeschreven) is alweer uit zicht. Het regent en de donkere lucht probeert me in de goede richting te duwen: ga nou maar. Doe het nou maar. Je weet zelf precies welke kant je op moet. Aarzel niet, maar schrijf en reis en schrijf je dromen uit.

Ik weet inderdaad precies wat ik wil en ik weet meestal zelfs hoe ik het krijgen kan. Dit jaar is het niet mijn dromen gelukkig te worden, maar sterk. En als ik maar goed voor mezelf zorg en me vaak omring met de liefsten, dan ben ik dat.

Dit jaar zal ik een paar maanden gaan reizen, om groter te worden en omdat het verlangen naar die reis nu eenmaal niet te stillen is. Ik moet, ik zal, ik ga. Ik zal ongelofelijk gaan missen, maar toch moet ik gaan. Om groter te groeien, nieuwe woorden te proeven en mijn benen te laten lopen in plaats van mijn hoofd. Om te blijven lachen, te schrijven en weer terug te komen. Het is heel helder in mijn hoofd en nu schrijf ik om niet te vergeten dat ik plannen maak. Ik hoef niet te dwalen: ik weet wat ik wil.

 

 

 

 

 

 

 

januari 17, 2011
By on 12:39
ik rol me om in de woorden
die ik maak,
veel anders zeg ik niet dan:
o, wat hebben we het fijn vandaag
dag lief
kus slaap
stil zon
herfst-blad
glimlach
genoeg.

december 7, 2010
By on 14:56

Mijn hoofd bestaat niet. Mijn lijf al helemaal niet. Alles is verdwenen nu ik voel hoe in mijn hoofd wordt aangeklopt door Slaap. Het dreunt door naar mijn benen in panty en mijn sokken in slof. Vooral overdag ben ik moe de laatste week, maar dit is wel een goed moment: ik heb anderhalve taart gebakken en bedacht wat ik me morgen aantrek.
Over missen weet ik veel, heb ik wel eens geschreven. Maar ook: ik ken geen gemis. Zoals altijd, is het allebei waar. Ik mis niet vaak, maar soms. Dan doe ik dat ook goed. Als er ergens een overtuiging verdwijnt, lijkt die meteen overal te verdwijnen. Je weet al gauw niet meer precies wat het is, wat je mist. Maar ik sta niet op losse schroeven, ik sta juist met al mijn benen op de grond, op panty en op sloffen (zo wil ik het liefst de hele herfst door). Ik wil ontbijten met vruchten en morgenochtend wakker worden in Griekenland. Ik wil dat iemand ziet hoe alles op een rijtje staat in mijn hoofd: zevenentwintig stellingkasten. Ik wil dansen en verdwijnen in mijn dromen. Ik wil laten zien hoe groot ik ben, hoe groot ik ben vandaag.

september 17, 2010
By on 22:39

Het is helemaal niet nodig om alles te weten. Je kunt iemand ook al bijzonder vinden, zonder haar naam te kennen. Ik voel me dus gewoon thuis, ook al ken ik nog lang niet alle straten en fiets ik niet altijd de kortste weg. Het is jammer dat het regent, de mensen zijn binnen en ik ook. Nu kijk ik maar naar de straat en het water (boven en beneden) en weet ik precies wat er allemaal ver weg en voorbij is. Verder is er maar weinig jammer. Vandaag is er niet veel veranderd: ik moet studeren, maar luister de mooiste muziek. Straks, later, nu, ja, ik ga nu meteen beginnen. Ik leer en leef het liefste tegelijk.

september 14, 2010
By on 13:15

De rest van het huis is onbewoond, dus de geluiden die ik nu hoor zullen er altijd zijn. Het huis spreekt en zucht 's nachts, maar het zijn vooral de geuren die me continu doen realiseren dat ik hier nieuw ben en dat het mijn thuis nog moet worden. Langzamerhand zie ik mijn eigen spullen de kamer veroveren en nu hoop ik dat zelf te doen met de stad. 's Morgens schijnt de zon precies op mijn bed. 's Nachts hoor ik veel. Ik luister, kijk en ruik, totdat ik alles ken.

augustus 16, 2010
By on 08:49

Ik heb het niet koud, ik heb het winter en dat is alles wat er is. Alsof ik vanmorgen vergeten ben iets heel normaals te doen, iets wat eigenlijk wel hoort. Maar ik ben niet vergeten om op te staan en ik heb ook gewoon mijn lijf gewassen, mijn kleding aangetrokken en de gordijnen opengemaakt. Over veel kan ik erg lang nadenken, maar ik weet heel zeker dat ik geen essentiële stappen over heb geslagen vandaag. Daarom ben ik waarschijnlijk niet ongelukkig, maar wel stil. En daarom heb ik het niet koud, maar winter. Zoiets roept niemand over zichzelf af en het wordt ook nooit pas halverwege de dag ontdekt. Het is er al. Het was er al voordat ik wakker werd.

Buiten klim ik in een boom en eet er fruit en en proef er zon. Ik ben nog geen maand vooruit, ook al wil ik zo snel mogelijk terug in de zomer staan. Ik voel dat er op of om mijn lichaam nog een lichaam is geplakt, niet los maar ook niet vast. Zelf zie ik geen verschil, maar ik merk dat het licht mij niet raakt.
Binnen zoek ik naar thee en mooie mokken. Naar een fleurige clematis, een ranke vaas en een bloemenjurkje. De kamers zijn leeg, of gevuld met dozen. Ik vind niet wat ik zoek.

En ik weet het wel, de winter ben ik zelf, dus ik schrijf lijstjes en ik ren rondjes en ik zeg zachtjes: ik lach, ik leef, ik ga slapen en tover straks de nacht voor één keer in augustus wit.

 

augustus 11, 2010
By on 20:49

Ik vind niet dat ik een dromer ben. Maar beter dan 's nachts, droom ik overdag. In het donker is alles net meer akelig in mijn hoofd: alles gaat mis of alles verdwijnt en mijn voeten missen overal de grond. Maar in de zon of in de regen (sneeuw of schaduw, het is om het even) kan ik dromen door te kijken en dat doe ik graag. Elke hoek van de kamer, de straat of het land geeft me een idee met een plan. Ik zie een houten plank en bouw vanbinnen al een muur, ik hang er lijsten op en vul ze met de mooiste kaarten en papieren. Ik kus de lucht en vergeet als ik de ramen openmaak, niet alle kozijnen te schilderen en ook niet om mooie bloemen te kopen voor in mijn zeegroene bloembak.

augustus 5, 2010
By on 21:45

Wonderschoon is blauw. Het liefste loop ik uren langs de zee, maar gezien die niet dichtbij is, zeg ik minstens elke dag een paar keer tegen mezelf: blauw. Blauw. De au is rond en zacht en aaibaar als een zelfgemaakt plaid. Vanavond ga ik erin zitten tot ik slaap. Wanneer ik morgen wakker word is alles buiten dan misschien

augustus 4, 2010
By on 21:53